Puzzelen

We liepen van Humcoven in de richting van Waterval. Visweg af, Watervalderbeek, Visweg op, linksaf de Watervalweg naar beneden, rechtsaf Waterval ……… Waar we normaal via een olifantenpaadje kort doorstaken naar de Raarslakweg versperde nu een fors bemeten kerststal de doorgang. Daar liepen we graag voor om. Eenmaal boven op het plateau zagen we hoe de kerktorens van Schimmert en Ulestraten boven de horizon uit piepten. Ze deden, spits en fragiel, wat ze moesten doen. Ze riepen van verre: Hier moet je zijn om God eer te bewijzen! En in Zuid-Limburg hoef je dan nooit ver te lopen. Nog niet zo lang geleden wist je dan tegelijk ook waar je moest zijn om de innerlijke mens niet slechts geestelijk te versterken. Waar een kerk is, is een kroeg. Maar ja, La Corona …….

We waren aan het wandelen omdat we elkaar alweer een tijdje niet gesproken hadden. Maar ook omdat het moet. We moeten in beweging blijven, we moeten naar buiten. Het is zaak met regelmaat even flink door te ademen, het bloed sneller door de aderen te laten stromen. Op het plateau joeg de wind over de velden met koolzaad. Om elkaar te verstaan moesten we hard praten. Veel van wat we zeiden verwaaide en moest nog eens gezegd. Er kwam veel voorbij. De toeslagenkwestie en hoe burgers jarenlang door hun overheid voor crimineel waren versleten. Dat een ambtenaar daarbij vooral aan zijn eigen buikpijn moest denken. Een ander had er soms wakker van gelegen. Jawel. Een minister dacht dat het om een enkel geval ging. En vroeg niet door. En dan zo’n belastingdienst die jarenlang zei het niet leuker te kunnen maken. Maak het eerst maar eens leuk, dacht ik dan altijd. Het piept en het kraakt bij de overheid, het piept en het kraakt bij de burger. Een overheid die zich terugtrekt, marktdenken, de mantra iedereen zelfredzaam, het heeft niet gewerkt. La Corona drukt ons met de neus op de feiten: Versterk de overheid, investeer in de burger. De burger is geen kostenpost, de burger is de toekomst.

Nu moet ik opeens weer denken aan het logeerpartijtje van de kleinste kleinkinderen, een paar weken geleden. Ze leven met het idee dat er dingen zijn die niet mogen van de Corona’s. En dat is het. Geen gezeur, geen gezeik. Het is zoals het is. We wandelden wat. Ze speelden met autootjes. Ze dronken limonade. Ze zochten Wally. We lazen ze voor. Ze keken Buurman en Buurman. En weer wandelden we wat. En ze puzzelden. Het is wonderlijk hoe de dagen voorbij kunnen gaan zonder dat er nadrukkelijk aan de wereld wordt gewerkt. Hoewel. De kleinste van de twee, ze legde puzzels met een focus en vasthoudendheid die je vroeger enkel zag in de Sovjet-Unie, bij arbeidsters in een munitiefabriek, voor volk en vaderland. Dat is werken waar je niet moe van wordt maar waar je energie van krijgt. Wij nemen een voorbeeld aan die kleine. We gaan tijdens de kerstdagen lekker sjoelen, puzzelen, lezen en wandelen.

Ik zou zeggen: Zalig Kerstmis en houd je gezond en geniet van elkaar.

Vinkmag ad

Lees vorig bericht

Valse brieven BsGW in omloop

Lees volgend bericht

Kerstwensboom bij oorlogsmonument Ulestraten